Het gaat eindelijk eens goed met FM. Je hebt vele gidsen doorgespit, advies gevraagd aan de “echte experts” en die-hards en een goede oefencampagne gedraaid met je nieuwe team. Je gaat er eens goed voor zitten, want dit wordt het seizoen van jouw definitieve doorbraak. Dit wordt het seizoen waarin jij zult gaan bewijzen dat je een topper bent in het spelen van FM, een waardige kandidaat voor de diverse titels die er zo al te winnen zijn. Totdat je spitsen last krijgen van acute blindheid.
Plotseling lijken die blinde lamlullen niet meer in staat om het netje te vinden. Het maakt niet uit hoe gemakkelijk de kansen zijn, de bal wil er niet in. Zelfs intikkertjes vanaf een meter of vijf worden naast, over of recht op de keeper gekopt of geschoten. Hans Anders of Specsavers of welke brillenboer dan ook, ze kunnen een fortuin verdienen door die prutsende reetkevers te helpen met hun zicht op het doel van de tegenpartij.
Hoe frustrerend kan het zijn voor een manager om duidelijk te zien dat je een wedstrijd in handen hebt, maar de ploeg slaagt er maar niet in om dit overwicht in doelpunten uit te drukken. Het is ook niet zo dat je niet genoeg kansen krijgt, maar die twee mongooltjes voorin lijken vastbesloten om het wereldrecord kansen missen verder aan te scherpen.
Een paar weken geleden had ik zelf ook zo’n wedstrijd. Ik speelde voor het NK met Mons / Bergen uit bij Sint-Truiden. De Kanaries (Sint-Truiden dus…) stonden helemaal onderaan en hadden na zo’n zestien wedstrijden nog geen enkele wedstrijd gewonnen. Met andere woorden, een waardeloze ploeg, zonder enige vorm of moraal. Mijn team daarentegen behoorde tot de meest productieve teams in de liga, waarbij vooral mijn Zwitserse toppertje Kwabena Agouda de ene na de andere treffer produceerde en ruim bovenaan het topschutterklassement stond.
Helaas viel daar tijdens de wedstrijd zelf niets van te merken. Kans na kans miste de uit Ghana afkomstige aanvaller. Ook z’n maatje voorin, de Roemeen Bogdan Stancu, blonk vooral uit in het missen van kansen. Het maakte vrij weinig uit hoe eenzaam en alleen deze twee in het strafschopgebied opdoken, de bal ging er maar niet in. Een lichte ergernis begon zich van mij meester te maken, want ik voelde de bui al weer hangen.
“Ze” zeggen wel eens, wanneer je zelf de kansen niet maakt, dan doet de tegenstander dat wel. Ik heb geen idee wie “ze” zijn, maar “ze” hebben volkomen gelijk. Met nog twintig minuten op de klok scoort Sint-Truiden uit zo’n beetje de eerste fatsoenlijke doelkans die de ploeg heeft gekregen. Prachtig doelpunt, daar niet van, maar gezien het spelbeeld niet echt terecht. Ik besluit alles of niets te gaan spelen. Een aanvallende 4-2-4, pompen of verzuipen en we zien wel wat er gebeurt.
Minuut na minuut verstrijkt en het laatste fluitsignaal komt steeds dichterbij. Mij bekruipt het angstige voorgevoel dat ik m’n eerste nederlaag ga lijden. Hoe gênant… Tegen Anderlecht, Genk en Brugge wisten we overeind te blijven, maar uitgerekend tegen de hekkensluiter zou het dan fout gaan… Met nog enkele minuten te gaan besluit ik mijn laatste wissel in te zetten. Agouda, die nog geen deuk in een pakje boter heeft geschoten deze match, haal ik naar de kant en de Argentijn Marcos Mondaini komt erin. Nog geen minuut later pakt die wissel al goed uit, wanneer Mondaini een strafschop versiert. Om het droomscenario compleet te maken schaart Mondaini zich zelf achter de bal. Met een stat van 18 voor strafschoppen lijkt dat kat in het bakkie, dus ontspannen leun ik achterover. Een gelijkspel is vervelend, maar minder frustrerend dan een onterechte nederlaag.
Helaas treedt op dit punt de beruchte wet van Murphy in werking. Voor de mensen die de wet niet kennen, deze wet bestaat uit vier punten.
1. De eerste wet van Murphy stelt dat als er bij een experiment iets fout kán gaan, het ook daadwerkelijk fout gaat.
2. De tweede wet van Murphy stelt dat de fout altijd op het meest onaangename moment gebeurt.
3. De derde wet van Murphy stelt dat Murphy een grote optimist was.
4. De vierde wet van Murphy stelt dat hoe groter het wonder is, hoe minder mensen kijken
Punt 1 en 2 van de wet traden in dit geval direct in werking. Mondaini, de man die statistisch gezien haast niet kon missen, miste de strafschop op een voor mij bijzonder onaangenaam moment. Mijn zelfvertrouwen verdween als sneeuw voor de zon, vloekend en tierend zat ik achter de computer. Ik had, volgens de statistieken, 27 doelpogingen ondernomen, waarvan er 12 tussen de doelpalen waren geëindigd. Sint-Truiden had 5 keer op doel geschoten, waarvan 1 keer tussen de palen. Toch verloor ik met 1-0 op Staaien, alleen omdat mijn spitsen een soort van oogafwijking leken te hebben waardoor ze het waanidee koesterden dat het doel tien meter hoger was dan in werkelijkheid en twintig meter breder dan in werkelijkheid. Hier, bij een dergelijk ongeluk, baatte nog maar een enkele remedie… Ik heb het spel uitgezet en ben, voor die avond althans, gestopt met spelen… Ik kan slecht tegen m’n verlies, I know…
Was getekend,
Uw jegens zijn spitsen haatgevoelens koesterende columnist
Plotseling lijken die blinde lamlullen niet meer in staat om het netje te vinden. Het maakt niet uit hoe gemakkelijk de kansen zijn, de bal wil er niet in. Zelfs intikkertjes vanaf een meter of vijf worden naast, over of recht op de keeper gekopt of geschoten. Hans Anders of Specsavers of welke brillenboer dan ook, ze kunnen een fortuin verdienen door die prutsende reetkevers te helpen met hun zicht op het doel van de tegenpartij.
Hoe frustrerend kan het zijn voor een manager om duidelijk te zien dat je een wedstrijd in handen hebt, maar de ploeg slaagt er maar niet in om dit overwicht in doelpunten uit te drukken. Het is ook niet zo dat je niet genoeg kansen krijgt, maar die twee mongooltjes voorin lijken vastbesloten om het wereldrecord kansen missen verder aan te scherpen.
Een paar weken geleden had ik zelf ook zo’n wedstrijd. Ik speelde voor het NK met Mons / Bergen uit bij Sint-Truiden. De Kanaries (Sint-Truiden dus…) stonden helemaal onderaan en hadden na zo’n zestien wedstrijden nog geen enkele wedstrijd gewonnen. Met andere woorden, een waardeloze ploeg, zonder enige vorm of moraal. Mijn team daarentegen behoorde tot de meest productieve teams in de liga, waarbij vooral mijn Zwitserse toppertje Kwabena Agouda de ene na de andere treffer produceerde en ruim bovenaan het topschutterklassement stond.
Helaas viel daar tijdens de wedstrijd zelf niets van te merken. Kans na kans miste de uit Ghana afkomstige aanvaller. Ook z’n maatje voorin, de Roemeen Bogdan Stancu, blonk vooral uit in het missen van kansen. Het maakte vrij weinig uit hoe eenzaam en alleen deze twee in het strafschopgebied opdoken, de bal ging er maar niet in. Een lichte ergernis begon zich van mij meester te maken, want ik voelde de bui al weer hangen.
“Ze” zeggen wel eens, wanneer je zelf de kansen niet maakt, dan doet de tegenstander dat wel. Ik heb geen idee wie “ze” zijn, maar “ze” hebben volkomen gelijk. Met nog twintig minuten op de klok scoort Sint-Truiden uit zo’n beetje de eerste fatsoenlijke doelkans die de ploeg heeft gekregen. Prachtig doelpunt, daar niet van, maar gezien het spelbeeld niet echt terecht. Ik besluit alles of niets te gaan spelen. Een aanvallende 4-2-4, pompen of verzuipen en we zien wel wat er gebeurt.
Minuut na minuut verstrijkt en het laatste fluitsignaal komt steeds dichterbij. Mij bekruipt het angstige voorgevoel dat ik m’n eerste nederlaag ga lijden. Hoe gênant… Tegen Anderlecht, Genk en Brugge wisten we overeind te blijven, maar uitgerekend tegen de hekkensluiter zou het dan fout gaan… Met nog enkele minuten te gaan besluit ik mijn laatste wissel in te zetten. Agouda, die nog geen deuk in een pakje boter heeft geschoten deze match, haal ik naar de kant en de Argentijn Marcos Mondaini komt erin. Nog geen minuut later pakt die wissel al goed uit, wanneer Mondaini een strafschop versiert. Om het droomscenario compleet te maken schaart Mondaini zich zelf achter de bal. Met een stat van 18 voor strafschoppen lijkt dat kat in het bakkie, dus ontspannen leun ik achterover. Een gelijkspel is vervelend, maar minder frustrerend dan een onterechte nederlaag.
Helaas treedt op dit punt de beruchte wet van Murphy in werking. Voor de mensen die de wet niet kennen, deze wet bestaat uit vier punten.
1. De eerste wet van Murphy stelt dat als er bij een experiment iets fout kán gaan, het ook daadwerkelijk fout gaat.
2. De tweede wet van Murphy stelt dat de fout altijd op het meest onaangename moment gebeurt.
3. De derde wet van Murphy stelt dat Murphy een grote optimist was.
4. De vierde wet van Murphy stelt dat hoe groter het wonder is, hoe minder mensen kijken
Punt 1 en 2 van de wet traden in dit geval direct in werking. Mondaini, de man die statistisch gezien haast niet kon missen, miste de strafschop op een voor mij bijzonder onaangenaam moment. Mijn zelfvertrouwen verdween als sneeuw voor de zon, vloekend en tierend zat ik achter de computer. Ik had, volgens de statistieken, 27 doelpogingen ondernomen, waarvan er 12 tussen de doelpalen waren geëindigd. Sint-Truiden had 5 keer op doel geschoten, waarvan 1 keer tussen de palen. Toch verloor ik met 1-0 op Staaien, alleen omdat mijn spitsen een soort van oogafwijking leken te hebben waardoor ze het waanidee koesterden dat het doel tien meter hoger was dan in werkelijkheid en twintig meter breder dan in werkelijkheid. Hier, bij een dergelijk ongeluk, baatte nog maar een enkele remedie… Ik heb het spel uitgezet en ben, voor die avond althans, gestopt met spelen… Ik kan slecht tegen m’n verlies, I know…
Was getekend,
Uw jegens zijn spitsen haatgevoelens koesterende columnist
Geen opmerkingen:
Een reactie posten